Een loopbaanopstelling of organisatieopsteller 3.0 begeleiden, hoe doe ik dat?

Hoe begeleid je nu een opstelling in de nieuwste 3.0 vorm? Wat kan hierbij helpen om de juiste reisbegeleider te zijn? De nieuwste vorm gaat ervan uit dat de beweging die nodig is plaatsvindt wanneer de klant en jij als opsteller jullie ervoor openstellen. De opsteller en klant zijn gelijkwaardig in de beweging.

Als organisatieopsteller en loopbaanopsteller begeleid je een bepaalde beweging die plaatsvindt en helderheid geeft aan de klant over zijn of haar vraagstuk. De beweging zelf is het wat een opstelling zo bijzonder maakt. Deze lijkt voor buitenstaanders uit het niets te komen. Extra bijzonder is dat de beweging vaak tot stand gebracht wordt door blaadjes, attributen of mensen (representanten) die geen enkele inhoudelijke kennis van het vraagstuk hebben. Wildvreemden voor elkaar, of collega’s die elkaar alleen functiegericht kennen, die aan elkaar een duiding geven van een diepere beweging.

Een opstelling is geen oplossing die je koopt bij de discounter, of een spirituele glazen bol, maar een beweging die een mogelijke toekomst of aanduiding van een richting van een thema weergeeft. De klant kan hieraan verder werken, en in het zakelijke domein kan je hier ondersteuning aan geven als opsteller / coach / adviseur. Hoog ziekteverzuim kan een thema zijn, of veel fouten in het proces, of moeizame communicatie tussen mensen of afdelingen of anderszins niet eenvoudig moeilijk oplosbare problemen zijn bij uitstek geschikt om eens met de systemische bril naar te kijken.

Het is in eerste instantie aan de klant wat hij doet met de getoonde beweging en het inzicht wat hiermee verschaft is. Net als een gewone reisgids toon je de beleving, maar de klant maakt er de foto van, of neemt een duik bij de waterval!

De opsteller heeft als reisleider de systemische bril op. De volgende punten ervaar ik hierbij als belangrijk om de reis goed te begeleiden:

  1. Plek
    De opsteller moet zijn plek weten. Hij is ingehuurd om iets in beweging te zetten, niet om een panklare oplossing aan te dragen. De kennis zit meer in het bewustzijn van de systemische werkelijkheid, dan de inhoudelijke kennis en kunde aan te reiken.
  2. Innerlijke houding
    De opsteller is een reisgids die meevaart op de reis van de beweging. Hiervoor is een innerlijke houding van niet-weten, geen-doel, alles loslaten, acceptatie van eigen patronen, deemoedigheid, en terughoudendheid nodig. De opsteller weet het ook niet van te voren, en pretendeert ook niet de oplossing te weten. De opsteller vertrouwt hierbij ook op zijn eigen beweging in de opstelling. De gemoedstoestand dient er een zijn van een open houding, ontspanning lichaamservaring, luisterend oor en observerende ogen.
  3. Tegenstroom is er altijd
    Bewust van de eigen tegenstroom op de reis van de beweging. Vaak heeft de opsteller mentaal een beeld en oordeel over hetgeen de klant aangeeft. Een goede reisbegeleider is zich hiervan bewust en neemt de tegenstroom waar en transformeert deze naar het meebewegen. Hierbij dien je volledig met jezelf, het veld en het grotere geheel te verbinden. Wat bijvoorbeeld als je voor shell gevraagd wordt en je bent een enorme milieuactivist?
  4. Leiderschap over de opstelling
    De begeleider is de reisgids over de beweging en is ten dienste aan de systemische werkelijkheid en kan voor de klant daarin wat regisserend overkomen. Hij dient vastberaden de stroming te volgen, de bedding qua structuur en energie te verzorgen en in te grijpen als de veiligheid van de opstelling dit vraagt. De klant dient bijvoorbeeld expliciet aan te geven of de grens van de familie gepasseerd mag worden. Zelf hierbij de laatste tijd ervaren dat communiceren in de juiste bewoordingen erg belangrijk is. Je mag sturend zijn in dienst van de beweging, maar niet in dienst van je eigen oplossingsrichting. Als dit zo overkomt is ergens een tegenoverdracht geraakt of dien je hierin je communicatie aan te passen. Bij mij is het soms het laatste. Dan kom ik stelliger over dan de stroom van de opstelling die ik volg.
  5. In harmonie met alles en iedereen zijn lot gunnen
    Dit klinkt misschien raar in zakelijke context, maar hoe vaak zien we niet een consultant die de opdrachtgever probeert te redden, of de firma die gedoemd is failliet te gaan, vanuit zijn eigen houding wil behouden. Als organisatieopsteller dien je allereerst de systemische werkelijkheid en de beweging die hierin wordt ervaren. Dit kan soms niet leuk zijn ten opzichte van de perceptie van de klant.Maar wat als je de klant pleased, terwijl de systemische werkelijkheid bijvoorbeeld aangeeft dat er geen ruimte meer is voor de productdivisie waarvoor je ingehuurd bent. Dit noemen we fixen. Dan negeer je het systeem, en dien je op de lange termijn je klant niet. Op de korte termijn is de klant blij met een dode mus, want stroming zal niet vanzelf gaan in zijn divisie.

Wanneer is nu de opstelling geslaagd? Als je je hieraan houdt, of als je klant tevreden is? Eigenlijk ligt dit in het midden. De opstelling is afgerond als de energie niet meer toeneemt. Dit is een intuïtief moment.

Als opsteller dien je af te wachten en het lot accepteren. De gevolgen van de stroming die op gang komt, of getoond wordt zijn niet aan jou. Als klant krijg je wat je vraagt, je opent wat je open stelt.

De vorming en uitkomst voor de klant vraagt terughoudendheid en een diepe vorm van luisteren met lichaam, geest en spirit als opsteller. Je wordt vaak ingehuurd voor behoorlijk ingewikkelde vraagstukken waarbij conventionele methodes onvoldoende gewerkt hebben, of de opstelling wordt als contra-expertise gebruikt.

Hierbij zijn ook de ‘gewone’ adviseurs succesfactoren van belang en daarmee hou ik me aan de 8 onderstaande reisleider-gedragsregels:

  1. Flexibiliteit omarmen. Ik zeg wel eens minimale weerstand maximale flexibiliteit! De klant kan geraakt worden, of niet. Een niet-geraakte klant op het eerste gezicht geeft dieper soms meer informatie. Zijn handen kunnen gaan zweten, een representant kan zijn niet-raken ervaren als juist diep raken. Flexibel omgaan met wat je ziet, voelt, ervaart en denkt is wenselijk om de beweging te verinnerlijken.
  2. Visionair zijn. In organisaties is geld het bloed van het organisme. Vanuit een organisch/systemische visie kun je als opsteller bijdragen aan de betreffende case. Neem de nodige afstand, accepteer een ruimere context met een duidelijk doel om de diepere vraag te achterhalen.
  3. Aanpassingsvermogen ontwikkelen. Je eigen routines durven te veranderen, je tegenoverdracht accepteren, niet rigide in je opvattingen, maar dienend aan de klant je aanpassen.
  4. Mondelinge vaardigheid ten toon spreiden. Als opsteller dien je te spreken in begrijpelijke taal en het kunnen aanpassen van het taalgebruik aan het niveau van de klant of aanwezigen bij een opstelling. Zo zijn goede opstellers in staat om hun eigen stem (volume, intonatie) goed te benutten, zijn zij duidelijk verstaanbaar en spreken ze de taal die passend is.
  5. Onafhankelijkheid bewaken. De goede opsteller neemt actie en doet uitspraken vanuit zijn eigen systemische praktijk die getuigen van een eigen visie of mening en die anderen niet naar de mond praat. Hellinger is de foundingfather van de opstellingen, maar niet alles wat zijn mening is hoef je te omarmen. Jouw eigen systemische ervaring kan andere opvattingen betreffen en dat is ok. Laat je niet direct beïnvloeden door andere opvattingen. Geef niet zomaar sociaal wenselijke antwoorden, maar zet een onafhankelijke koers uit.
  6. Resultaatgericht zijn. Opstellers die resultaatgericht zijn ondernemen concrete en gerichte acties om bijvoorbeeld binnen de voorafgestelde tijd doelstellingen te behalen of te overstijgen. Goede opstellers benoemen alles concreet en sturen gericht op tijd, ruimte en fenomenologische waarneming. Als ik een loopbaanopstelling afspraak heb van 1,5 uur, dan bewaak ik de tijd. In een opstelling kunnen allerlei zijpaden worden bewandeld. Maar je dient je als opsteller te focussen op de essentie. Wat wordt er soms niet verteld? Waarbij wordt je meegenomen in een verhaal? Waarbij ervaar je zelf dat het niet klopt?. Met de intentie te ervaren wat niet gezien is en welke entiteiten er tot nu toe niet bij hoorden, kun je binnen een afgesproken tijd tot resultaat komen.
  7. De klant bepaalt de weg
    Klantgerichte adviseurs onderzoeken de wensen en behoeften van de klant en handelen hiernaar. Goede opstellers hebben respect voor de klanten, ook al zijn hun wensen of klachten onredelijk. Verder tonen zij de bereidheid om tot oplossingen te komen, werken ze toe naar een win-win situatie en zien zij kansen en mogelijkheden waar de klant soms vast zit. Binnen een opstelling kan de klant in een flight, fight of freese reactie komen. Dit herkennen en erkennen helpt de opstelling tot een dieper level zakken.
  8. Samenwerken is een must
    Goede opstellers richten zich vooral op samenwerking. Samen met de klant wordt het veld ervaren, en samen wordt de weg bewandeld. De opsteller werkt op effectieve wijze (mee) aan een gezamenlijk resultaat. Daarnaast heeft de opsteller een goed zelfinzicht en inzicht in de eigen voorkeur voor bepaalde teamrollen waarmee hij kan resoneren. Tenslotte dient de opsteller ten aller tijden zijn persoonlijk belang ondergeschikt te maken aan het klant- en groepsbelang.

 

Wanneer je na een eerste kennismaking uitgenodigd wordt voor een organisatieopstelling in teamverband, zijn de volgende 10 gouden communicatieregels wat mij betreft ook van belang (vrijelijk van allerlei websites van internet geplukt);

  1. Richt je in het voorgesprek eerst op de organisatie do’s and don’t, dan op communicatieaspecten.
  2. Doorgrond gedurende het voorgesprek de organisatie; krachtenveld & feiten, mores & money stroming
  3. Begin niet over de communicatie-issues zonder de organisatievraagstukken binnen de scope van de opstelling te doorgronden.
  4. Vraag je af wat communicatie over de organisatie kan bijdragen aan het succes van de organisatie.
  5. Wees onpartijdig en zeker geen maatje van de leiding, leef je in het belang van het team waarvoor je opstellingswerk doet
  6. Kies flexibel je adequate adviesrol, en blijf boven alles jezelf.
  7. Laat de geadviseerde zichzelf overtuigen, met jouw argumenten. Ga geen welles, nietes spelletjes aan.
  8. Maak expliciet wie probleemeigenaar van het vraagstuk is.
  9. Zorg voor actiebereidheid om de communicatie in dienst van de organisatie in te zetten
  10. Doe niet alles zelf, laat de hele organisatie communiceren en handelen.

 

Een aantal rijtjes succesfactoren die je als opsteller, adviseur en communicator kunnen helpen. Mij helpen ze me bij elke opstelling, coachvraag of klantgesprek en vaak ook prive.

Succes!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *



This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.